De toedieningsweg voor TPV

De TPV moet worden toegediend in een groot bloedvat. Deze toegang kan op verschillende manieren worden verkregen, namelijk via een centraal veneuze catheter (CVC), een perifeer ingebrachte centraal veneuze catheter (PICC), een geïmplanteerd reservoir (port-a-cath® / ‘PAC’) of via een shunt.

 

Een PICC is een dun slangetje, dat op de bovenarm (tussen elleboog en schouder) onder plaatselijke verdoving via de huid wordt ingebracht. Een CVC is een dun slangetje, dat in de hals of onder het sleutelbeen en heel soms in het been onder plaatselijke verdoving via de huid wordt ingebracht. Om de afstand tussen de ingang naar het bloedvat en de uitgang van de catheter te vergroten wordt de catheter onderhuids uitgeleid over een traject van meer dan 10 centimeter. Aan de buitenkant van de catheter kunnen één, twee of drie uitgangen (lumina) vast zitten. De CVC en PICC worden op de röntgenafdeling ingebracht. 

 

P.I.C.C.

C.V.C.

 
Een PAC is een onderhuids reservoir wat aangeprikt kan worden en via een slangetje in verbinding staat met een groot veneus bloedvat. Door de PAC aan te prikken met een naald, aangesloten op het toedieningsysteem met daaraan de voeding, is het mogelijk de TPV de bloedbaan in te laten lopen. De PAC wordt operatief onder narcose op de operatie kamer in gebracht. Een shunt is een operatief aangelegde verbinding tussen een slagader en een ader, meestal op de onderarm. Door de shunt aan te prikken met een naald, aangesloten op het toedieningsysteem met daaraan de voeding, is het mogelijk de TPV de bloedbaan in te laten lopen. 

 

P.A.C.

Shunt



Wanneer u bij opname op de trainingsafdeling al een CVC, PICC of PAC heeft, blijft deze zitten totdat het aan vervanging toe is. Een CVC, PICC of een PAC kan afhankelijk van de omstandigheden een paar dagen tot een paar jaar blijven zitten. Als u geen CVC, PICC of PAC heeft, kunt u uw keuze maken in overleg met een lid van het TPV thuisteam. Qua veiligheid is er geen verschil in gebruik van de technieken mits u de getrainde handelingen rondom deze toedieningswegen juist toepast. Ook de bewegingsvrijheid is gelijk. Indien u voor een shunt in aanmerking wilt komen, dient u eerst gezien te worden door een vaatchirurg. Ook kan de shunt niet meteen na aanleggen worden gebruikt. Het aanleggen van een shunt voor toedienen van TPV kan dus pas in een later stadium plaatsvinden.